Het moet in 1982 zijn geweest, de tweede klas van de basisschool dat ik voor het eerst te maken kreeg met Afrika. Vlak voor Kerst kondigde juffrouw Libregts aan dat er een nieuwe jongen in de klas kwam die net met zijn ouders was teruggekomen uit Afrika. Geweldig leek mij dat; heel de dag zon, genoeg plek om te spelen en om te leven tussen al die dieren die je alleen maar van de televisie kende uit series als "Daktari"of films als die van Jacques Cousteau. Dat er wel risico's aan vast zaten was op dat moment niet belangrijk. Daarna duurde het een hele tijd voordat ik Afrika weer op mijn pad tegenkwam. De jaren 80 waren voorbij gegaan en andere dingen waren veel belangrijker. De aandacht voor het continent begon kortom aardig te verslappen. Tot 1997. In het kader van een stage voor mijn studie"televisie journalistiek"mocht ik 6 maanden naar Johannesburg Zuid Afrika. Het was min of meer toeval. Ik wilde graag naar het buitenland en Zuid Afrika was een goede optie vanwege de goede kontakten die de school daar had. Nog voor mijn vertrek werd ik al gewaarschuwd: "Als je één keer gaat, dan wil je in de toekomst niet anders". Ze hebben gelijk gehad. Sinds '97 ben ik er jaarlijks teruggekeerd. De zes maanden hebben uiteindelijk een behoorlijke wissel op me getrokken door de verhalen en beelden uit de apartheidsperiode en de waan van de dag. Ook ik heb mijn portie geweld wel gehad. Maar uiteindelijk is de bittere nasmaak van deze ervaringen steeds weer weggespoeld met een flinke dosis vriendschap en fantastische belevenissen. Reden genoeg om weer terug te keren.